Sites noemen verschillende getallen, en dat komt voor een deel door één klein woord: kop. Een kop koffie is 30 ml of 250 ml, net wat je pakt. Dus even rechtzetten: hoeveel cafeïne in koffie zit, hangt af van de maat. Volgens het Voedingscentrum heeft een kopje filterkoffie van 125 ml ongeveer 60 mg en een espresso van 30 ml ongeveer 40 mg (Voedingscentrum, 2026).
In het kort
- Een kopje filterkoffie van 125 ml heeft ongeveer 60 mg cafeïne, een espresso van 30 ml ongeveer 40 mg.
- Per 100 ml rekenen we om: ongeveer drie keer zoveel in espresso, maar je drinkt er veel minder van.
- Dezelfde soort kan flink verschillen: bij 104 espresso's uit koffiezaken in drie landen lag het tussen 48 en 317 mg per portie.
- EFSA ziet geen bezwaren bij tot 400 mg per dag en 200 mg in één keer voor gezonde volwassenen.
Hoeveel cafeïne zit er in een kop koffie?
Hoeveel mg cafeïne in koffie zit, hangt af van de maat, en die verbergt het woord kop. Het Voedingscentrum rekent met 60 mg in een kopje filter- of oploskoffie van 125 ml en 120 mg in een beker van 250 ml. Een espresso van 30 ml heeft 40 mg, decaf van 125 ml 3 mg (Voedingscentrum, 2026).
Een filter van 125 ml en een beker van 250 ml heten allebei koffie, maar de beker heeft dubbel zoveel cafeïne. Wie wil weten hoeveel cafeïne in een kopje koffie zit, moet dus eerst de maat weten. Noteer liever het aantal ml dan het aantal koppen.
Hoeveel cafeïne zit er in espresso, filter en capsules?
Per 100 ml bevat espresso ongeveer drie keer zoveel cafeïne als filterkoffie (onze eigen rekensom), maar per portie heeft een enkele espresso minder cafeïne dan een kopje filter. Capsules schommelen sterk per portie. Volgens het Voedingscentrum heeft 30 ml espresso 40 mg en 125 ml filterkoffie 60 mg (Voedingscentrum, 2026).
| Soort en portie | mg per portie | mg per 100 ml (zelf berekend) | Bron |
|---|---|---|---|
| Filterkoffie 125 ml | 60 | 48 | Voedingscentrum, 2026 |
| Filterkoffie 200 ml | 90 | 45 | EFSA, 2015 |
| Espresso 30 ml | 40 | 133 | Voedingscentrum, 2026 |
| Espresso 60 ml (dubbel) | 80 | 133 | EFSA, 2015 |
| Capsule (portiegrootte niet vergelijkbaar) | 54 tot 208 per portie | niet berekend, portiegrootte verschilt | Angelino et al., Scientific Reports, 2018 |
De laatste kolom is onze eigen rekensom: mg gedeeld door ml, maal 100, op de cijfers van de twee bronnen. Alle getallen in deze tabel zijn richtwaarden van de twee bronnen, geen metingen van jouw eigen kopje.
Volgens EFSA (2015) heeft een espresso van 60 ml ongeveer 80 mg en een filter van 200 ml ongeveer 90 mg (EFSA, 2015). EFSA schrijft erbij dat alle cijfers bij benadering gelden (EFSA, 2015). Voor Nederlandse filterkoffie zijn dit richtwaarden van het Voedingscentrum en EFSA, en we vonden geen gemeten cijfers om toe te voegen.
Een onderzoek uit 2018 mat 65 capsulekoffies van 5 van de belangrijkste merken in Italië. De uitkomst lag tussen 54 en 208 mg per portie, decaf niet meegeteld, en de portiegrootte verschilt (Angelino et al., Scientific Reports, 2018). Dat is bijna vier keer zoveel tussen de laagste en de hoogste portie, zelf berekend.
Een espresso is een korte slok met veel cafeïne per ml, een filter een grote kop met een lagere concentratie. Per portie liggen ze dichter bij elkaar dan per ml: 40 mg tegenover 60 mg bij het Voedingscentrum (Voedingscentrum, 2026).
Waarom twee kopjes met dezelfde naam zo ver uit elkaar liggen
Een onderzoek uit 2014 mat 104 espresso's uit koffiezaken in Schotland, Italië en Spanje en vond 48 tot 317 mg per portie (Ludwig et al., Food & Function, 2014). Twee espresso's met dezelfde naam kunnen dus 48 of 317 mg bevatten. Dat is ruim zes keer zoveel van laagste tot hoogste (zelf berekend).
Volgens de auteurs van dat onderzoek is een kop koffie geen reproduceerbare maat (Ludwig et al., Food & Function, 2014). Een ander onderzoek, uit 2012, analyseerde 20 espresso's uit koffiezaken. De cafeïne liep uiteen met een factor zes en de hoogste afzonderlijke espresso haalde 322 mg (Crozier et al., Food & Function, 2012).
Een Pools onderzoek uit 2024 met 299 monsters liet zien dat afhaalkoffie ongeveer drie keer zoveel cafeïne bevatte als koffie die thuis gezet was (Wierzejska & Gielecińska, Nutrients, 2024). Een vergelijking per portie geeft dit onderzoek hier niet, dus reken het niet om naar een kopje.
Voor cafeïne in koffie zijn alle getallen in dit artikel richtwaarden. Je eigen kopje kan hoger of lager uitkomen, zeker bij espresso uit een koffiezaak. Met de getallen hierboven weet je de orde van grootte, maar geen exacte uitkomst.
Dit bepaalt hoeveel cafeïne er in je kop zit
Bij espresso is de hoeveelheid koffie die de barista gebruikt waarschijnlijk de belangrijkste factor, schrijven de auteurs van een onderzoek uit 2012 (Crozier et al., Food & Function, 2012). Meer koffie in hetzelfde kopje kan meer cafeïne betekenen, al keek dat onderzoek alleen naar espresso's uit koffiezaken.
Een overzichtsartikel uit 2021 beschrijft dat groene Arabica-bonen 0,9 tot 1,5% cafeïne bevatten en Robusta 1,2 tot 2,4%, gemeten op droog gewicht (Olechno et al., Foods, 2021). De bandbreedtes overlappen, maar Robusta ligt hoger. Wil je het hele verschil tussen Arabica en Robusta kennen, dan staat dat in een eigen artikel.
Een onderzoek uit 2014 liet de roosttemperatuur oplopen en vond dat het cafeïnegehalte in die proeven gelijk bleef (Ludwig et al., Food & Function, 2014). Wil je weten hoe light en dark roast verschillen, dan staat dat in een eigen artikel.
Cold brew? We vonden geen Europese meting van cold brew, French press of moka pot die we hier kunnen citeren, dus noemen we geen getal. Wil je zelf aan de slag, dan lees je bij cold brew thuis maken hoe het werkt.
Hoeveel koppen koffie per dag zijn veilig?
EFSA ziet geen veiligheidsbezwaren bij tot 400 mg cafeïne per dag voor gezonde volwassenen (EFSA, 2015). Dat zijn zes tot zeven kopjes van 125 ml (60 mg) of vier filters van 200 ml (90 mg), zelf berekend. Het Voedingscentrum rekent met drie kopjes thee en nog vijf kopjes koffie van 125 ml (Voedingscentrum, 2026).
| Soort en portie | mg per portie | Porties tot 400 mg (zelf berekend) |
|---|---|---|
| Filterkoffie 125 ml | 60 | 6,7 |
| Filterkoffie 200 ml | 90 | 4,4 |
| Espresso 30 ml | 40 | 10 |
| Dubbele espresso 60 ml | 80 | 5 |
De laatste kolom is onze eigen rekensom: 400 mg gedeeld door de mg per portie uit de vorige tabel. Hij telt alleen koffie en geen andere cafeïnebronnen, zoals thee of cola. Drink je die ook, dan blijft er minder ruimte over.
Hoeveel kopjes koffie per dag bij je passen, hangt dus van je maat af. Kleine kopjes geven je meer porties, grote mokken minder. Voor mensen die gevoelig zijn voor cafeïne adviseert het Voedingscentrum lagere hoeveelheden (Voedingscentrum, 2026).
Eind juni en begin juli 2024 hield Koffie & Thee Nederland een online enquête. Nederlanders van 16 jaar en ouder die minstens wekelijks koffie drinken, drinken gemiddeld 3,6 kopjes per dag (Koffie & Thee Nederland, 2024). De enquête kreeg 1.130 antwoorden en zegt niet hoe groot een kopje is.
Een rekenvoorbeeld met 3,6 kopjes: bij 125 ml en 60 mg per kopje is dat 216 mg per dag. Bij bekers van 250 ml en 120 mg per beker kom je op 432 mg, en dat ligt boven de 400 mg waarbij EFSA geen bezwaren ziet (EFSA, 2015). Beide uitkomsten zijn zelf berekend.
Cafeïne bij zwangerschap en vlak voor het slapen
Volgens de Gezondheidsraad, zoals het Voedingscentrum die weergeeft, ligt de grens voor zwangere vrouwen op 200 mg cafeïne per dag (Voedingscentrum, 2026). EFSA noemt dezelfde 200 mg per dag, ook voor vrouwen die borstvoeding geven (EFSA, 2015). Vlak voor bedtijd kan al 100 mg bij sommige volwassenen invloed hebben op je slaap (EFSA, 2015).
Voor de zekerheid geldt volgens de Gezondheidsraad, zoals het Voedingscentrum die weergeeft, niet meer dan twee kopjes koffie per dag, uitgaande van kopjes van 125 ml (Voedingscentrum, 2026). De 200 mg verdeel je daarbij over de dag (Voedingscentrum, 2026). Twee kopjes van 125 ml komen samen op ongeveer 120 mg (zelf berekend).
Volgens EFSA (2015) kan 100 mg cafeïne bij sommige volwassenen de slaapduur en het slaappatroon beïnvloeden, vooral vlak voor bedtijd (EFSA, 2015). Volgens het Voedingscentrum komt 100 mg overeen met bijvoorbeeld twee kopjes koffie van 125 ml (Voedingscentrum, 2026).
Volgens EFSA (2015) is de halfwaardetijd van cafeïne bij gezonde volwassenen gemiddeld ongeveer 4 uur, met een spreiding van 2 tot 8 uur (EFSA, 2015). Anders gezegd: na zo'n 4 uur is de helft van de cafeïne weg, bij de één na 2 uur, bij de ander na 8.
Dit zijn de bevindingen van EFSA, de Gezondheidsraad en het Voedingscentrum, geen persoonlijk advies.
Koffie, thee, cola light en energiedrank: waar zit meer cafeïne?
Bij 125 ml heeft zwarte thee 30 mg, de helft van de 60 mg in filterkoffie (Voedingscentrum, 2026). Bij 250 ml heeft een beker koffie 120 mg, meer dan de 80 mg in een blik energiedrank (Voedingscentrum, 2026). De pagina vermeldt alleen cola light.
| Drank en portie | mg per portie | Bron |
|---|---|---|
| Filterkoffie 125 ml | 60 | Voedingscentrum, 2026 |
| Zwarte thee 125 ml | 30 | Voedingscentrum, 2026 |
| Cola light 200 ml | 20 | Voedingscentrum, 2026 |
| Energiedrank (blik) 250 ml | 80 | Voedingscentrum, 2026 |
| Filterkoffie (beker) 250 ml | 120 | Voedingscentrum, 2026 |
Hoeveel cafeïne zit er in decaf?
Een kopje decaf van 125 ml heeft volgens het Voedingscentrum 3 mg cafeïne (Voedingscentrum, 2026). Gewone filterkoffie van 125 ml heeft 60 mg, dus twintig keer zoveel, zelf berekend (Voedingscentrum, 2026). Dat is bijna nul, niet nul. Wie helemaal geen cafeïne wil, houdt daar rekening mee.
Tien kopjes decaf van 125 ml komen samen op 30 mg. Dat is minder dan één kopje filterkoffie van 125 ml met 60 mg. Dat totaal is onze eigen rekensom op de cijfers hierboven: 10 keer 3 mg.
Veelgestelde vragen
Hoeveel cafeïne zit er in 1 kop koffie?
Volgens het Voedingscentrum heeft een kopje filterkoffie van 125 ml 60 mg cafeïne (Voedingscentrum, 2026). EFSA geeft 90 mg voor een filter van 200 ml en zegt dat alle cijfers bij benadering gelden (EFSA, 2015). Het zijn richtwaarden, en een echte kop kan er flink van afwijken.
Is 200 mg cafeïne veel?
Voor gezonde volwassenen niet: EFSA ziet geen veiligheidsbezwaren bij 200 mg in één keer of 400 mg per dag (EFSA, 2015). 200 mg is ongeveer drie kopjes van 125 ml (60 mg) of bijna twee bekers van 250 ml (120 mg), zelf berekend.
Is 4 koppen koffie per dag veel?
Zelf berekend zijn vier kopjes van 125 ml (60 mg) samen 240 mg en vier filters van 200 ml (90 mg) 360 mg (Voedingscentrum, 2026; EFSA, 2015). Vier bekers van 250 ml (120 mg) zijn 480 mg, boven de 400 mg waarbij EFSA geen bezwaren ziet. Zwangeren houden 200 mg aan, dus 240 mg zit daarboven.
Waar zit meer cafeïne in, koffie of energiedrank?
Bij 250 ml zit er in koffie meer cafeïne dan in energiedrank. Volgens het Voedingscentrum heeft een beker filterkoffie van 250 ml 120 mg cafeïne en een blik energiedrank van 250 ml 80 mg (Voedingscentrum, 2026).
Heeft espresso meer cafeïne dan filterkoffie?
Per 100 ml ja: 133 mg bij espresso tegenover 45 tot 48 mg bij filterkoffie, zelf berekend uit cijfers van het Voedingscentrum en EFSA (Voedingscentrum, 2026; EFSA, 2015). Per portie bij een enkele espresso niet: 40 mg in 30 ml espresso tegenover 60 mg in 125 ml filterkoffie (Voedingscentrum, 2026).
Een getal zonder ml zegt weinig
Bij elke koffie hoort een maat. Een getal zonder ml zegt weinig. Zelfs bij één maat loopt het getal uiteen: bij 104 espresso's uit koffiezaken lag het tussen 48 en 317 mg per portie (Ludwig et al., Food & Function, 2014). Schrijf het getal dus altijd op met de ml erbij.